De komende Kamerverkiezingen gaan
over Dichtbyistan Door Carel Brendel Zie zo. Dat was even schrikken bij het wakker worden. Kabinet gevallen! Herhalingen van interviewtjes met
ministers die niet wilden zwartepieten, maar tussen de regels door begonnen met zwartepieten. De leider van
het vertrokken smaldeel op een persconferentie, geflankeerd door twee wethouder Hekkings. Zal de regisseur van vier mislukte voorstellingen de consequenties trekken en het politieke theater door
een zijdeur verlaten? Of durft het CDA het aan om toch weer met Jan Peter Balkenende de verkiezingen in te
gaan? Lukt het Wouter Bos om in de komende drie maanden het PvdA uit de degradatiezone te halen? Het zijn vragen, waar op dit moment niemand een zinnig antwoord op weet. Het antwoord is aan de
kiezers. De Nederlandse politiek is de laatste jaren net zo grillig als het Nederlandse weer. Daarom houd ik het
op dit moment bij enkele losse opmerkingen, die over een paar weken al weer achterhaald kunnen zijn. Allereerst: Uruzgan is de aanleiding voor deze kabinetscrisis, maar over drie maanden gaat het al lang
niet meer over een afgebroken militaire missie in Afghanistan. Dat land is voor de meeste Nederlanders niet
meer dan Verweggistan. De kiezer zal zich bij zijn stem laten leiden door de toestand in Dichtbyistan.
Daarbij doel ik niet alleen op Gouda en Culemborg en de vele prachtwijken. In de campagne zal het ook gaan
over kwesties als hypotheekrente, ziektekosten, AOW, inzakkende euro, bankencrisis en werkloosheid. Tegen
die tijd is Uruzgan ver achter de bergen verdwenen. Bij de verkiezingen van 2006 probeerden de drie gevestigde partijen de thema’s islam, immigratie en
integratie buiten de campagne te houden. Met de PVV op negen zetels in de echte Kamer en 25 zetels in het
virtuele parlement van Maurice de Hond is dat nu niet meer mogelijk. Dat is vervelend nieuws voor het CDA, dat tot enkele maanden geleden een vrijwel onbedreigde positie had
in de peilingen. Balkenende kon rustig achterover leunen, terwijl de PvdA van Bos in een deplorabele staat
verkeerde en de VVD veel van haar aanhang zag vertrekken richting Geert Wilders. De malaise bij de VVD was
zo groot dat zelfs de positie van de fractievoorzitter leek te wankelen. Mark Rutte echter is back in town. Het opvallende is dat zijn partij is opgekrabbeld zonder dat Wilders
al te veel inlevert. Dat betekent dat het liberale herstel vooral ten koste van het CDA gaat. Als Rutte de opwaartse lijn vasthoudt, zit de mogelijke winst bij diverse kiezersgroepen. Ontevreden
CDA-aanhangers die bang zijn dat hun partij opnieuw in zee zal gaan met de PvdA. Liberalen en vrijdenkers
die geen zin meer hebben in de betutteldrift van de ChristenUnie. Ontheemde seculiere linkse kiezers die
zich zorgen maken over thema’s als islamisering en vrijheid van meningsuiting - zaken die ze niet
toevertrouwen aan de probleemontkenners van D66. In 2002 fungeerde oppositiepartij CDA als vluchtheuvel voor kiezers, die genoeg hadden van Paars maar een
stem op een LPF zonder Pim Fortuyn niet aandurfden. In 2010 verkeert de VVD in een soortgelijke positie als
het CDA toen. De liberalen zijn niet besmet door Balkenende-IV en kunnen als ‘redelijk alternatief’ fungeren
voor kiezers, voor wie koranverbod en kopvoddentax een brug te ver zijn. De PvdA heeft al veel klappen gehad in de peilingen. Dieper dan 15 zetels kan de partij bijna niet
zinken, zou je haast denken. Bovendien heeft Wouter Bos het voordeel, dat zijn meest directe concurrent, de
SP, met Agnes Kant geen aansprekende opvolger heeft gevonden voor Jan Marijnissen. Hier valt heel wat winst
te halen voor de PvdA en GroenLinks. Van alle linkse partijen is de SP overigens het minst multiculti en het
meest seculier, maar in dat geval krijg je wel de Harry van Bommels en Anja Meulenbelts erbij als ongewenste
rentepunten. Op korte termijn zit er dus vooruitgang in voor de PvdA. De partij is als ‘breker’ uit het kabinet
gestapt, maar dat zal voor veel linkse kiezers juist een opluchting zijn. De nederlaag bij de
raadsverkiezingen zal iets minder dramatisch zijn dan voorspeld. En ook bij de Kamerverkiezingen zal de
schade misschien meevallen, wat door de partij en door de media natuurlijk als een grote overwinning zal
worden gevierd. CDA en VVD zullen echter alles doen om een nieuwe regering met de PvdA te voorkomen. Dat worden dus weer
magere jaren in de oppositie. Misschien ligt daar juist een gouden kans voor een hervorming op de langere termijn. In de oppositie kan
de PvdA op zoek gaan naar haar seculiere wortels, zich bevrijden uit de houdgreep van conservatieve
religieuze krachten en zich ontdoen van het verstikkende betuttelracisme jegens ’zielige’ minderheden.
Belangrijker nog is dat de partij zichzelf verlost van haar ergste kwaal: arrogantie - de irritante
overtuiging dat alleen de PvdA weet wat goed is voor de burgers van Nederland. Nog één ding. In de komende verkiezingscampagne zal alles uit de kast worden gehaald om Geert Wilders en
zijn PVV te demoniseren en neer te zetten als een gecombineerde reďncarnatie van Mussert, Hitler en
Mussolini. Pauw & Witteman zullen druk op zoek gaan naar imitators van Herman van Veen en Peter R. de
Vries. De ervaring leert dat Wilders alleen maar sterker wordt van dit soort slecht onderbouwde
aanvallen. De enige manier om de PVV te verslaan is het serieus nemen van de door Wilders aangekaarte problemen. Geplaatst op 20 februari 2010 Homepage: