Links heeft mij verdreven naar
het rechtse kamp Door Carel Brendel Rond het voetbal word je helemaal gestoord van voorbeschouwingen, nabeschouwingen en analyses. Het
irritante ‘trainersgelul’ is helemaal overgeslagen naar de politiek. Allerlei politicologen, spindokters en
lichaamstaaldeskundigen vertelden ons de afgelopen weken welke lijsttrekker het beste overkwam in de
eindeloze debatten. Na elke sessie was er een aparte peiling om vast te stellen wie die avond had
gewonnen. Gelukkig zijn er vandaag verkiezingen, waarna wij kiezers de boel vier jaar (of minder) aan de gekozenen
moeten overlaten. Vandaag maak ik een hokje rood voor een naam van een politicus in de hoop dat hij me niet
teleurstelt. Voor het eerst van mijn leven zal ik bij Kamerverkiezingen mijn stem uitbrengen op een ‘rechtse’ partij.
Die overgang heeft alles te maken met het falen van de linkse partijen op het beslissende politieke thema.
Wat mij betreft is niet de economie het belangrijkste onderwerp, maar het complex van samenhangende
kwesties dat door wijlen H.J. Schoo werd aangeduid als de drie i’s - immigratie, integratie en islam. De strijd tegen religieuze intolerantie is altijd een links thema geweest, schreef ik in Het verraad
van links. De ‘linkse’ partijen in Nederland zijn ‘rechts’ geworden door de ogen te sluiten voor de
onverdraagzame kanten van de islam. Enkele ‘rechtse’ partijen blijken daarentegen wel in staat tot ‘linkse'
religiekritiek. Niet ik ben ‘rechts’ geworden, maar de linkse partijen hebben mij door hun rechtse
opstelling naar het ’rechtse’ kamp verjaagd. In de afgelopen kabinetsperiode leek het er even op dat de PvdA een realistische koerswijziging op het
terrein van de drie i’s zou doorvoeren. De wereldvreemde Ella Vogelaar werd ontslagen en de partijtop
schreef een spraakmakende integratienota. De partij was echter niet rijp voor een terugkeer naar de
seculiere wortels. Wouter Bos bleek niet krachtig genoeg om zijn partij te hervormen. Met Job Cohen aan het
roer is de partij nog verder teruggeworpen naar het naïeve Vogelarisme. De SP is mij rond dit thema eveneens tegengevallen. Op lokaal niveau strijden SP-raadsleden tegen de
funeste invloed van salafisten en Moslimbroeders. Op landelijk niveau pronkt de partij met abjecte figuren
als Harry van Bommel, die vindt dat er gepraat moet worden met de terroristen en fundamentalisten van
Hamas. De SP zit in een spagaat en probeert dit te verbloemen door het lastige onderwerp te ontwijken. De
nieuwe lijsttrekker Emile Roemer komt sympathiek over, maar heeft verzuimd een duidelijk seculier geluid te
laten horen in deze campagne. GroenLinks heeft in Femke Halsema een links-liberale leider met veel potentieel. Ze heeft erkend dat er
wel degelijk een probleem bestaat met de islam. Femke zit daarom bij de verkeerde partij. De rest van
GroenLinks zit volledig vast in een verouderd multiculturalisme. Voor gescheiden loketten en het knuffelen
van boerkadraagsters moet je vooral bij deze partij zijn. Alleen bij subsidies voor evangelische christenen
komt GL nog op voor haar seculiere principes. Nog hopelozer is de toestand bij D66 sinds het vertrek van Lousewies van der Laan. Onder Alexander
Pechtold is D66 uitgegroeid tot de Probleemontkennerspartij als het gaat om de onderwerpen islam,
immigratie en integratie. Vandaag wil ik niet nog eens mijn stem vergooien aan de goudvissenpartij van Marianne Thieme, die in
2006 overbleef na het wegstrepen van alle andere partijen. Als ongelovige stem ik in principe niet op confessionele partijen. Bovendien herinner ik me de
angsthazerij van het CDA rond de film Fitna en het oppakken van cartoonist Gregorius Nekschot onder
het goedkeurend oog van minister Ernst Hirsch Ballin. De ChristenUnie is druk bezig om haar naïeve koers te verlaten. Maar een christelijke partij krijgt nu
eenmaal niet mijn stem. Dus ook geen rood hokje voor de SGP, die zich zeer duidelijk uitspreekt tegen het
moslimfundamentalisme. Maar dat is voor mij geen reden om te stemmen op een partij, die op Bijbelse gronden
geen vrouwen op de kandidatenlijst zet. Blijven over de PVV en de VVD. Geert Wilders heeft terecht de onderwerpen islam en immigratie op de
agenda gezet. In zijn stijl en aanpak kan ik me echter niet vinden. Mijn bezwaren vat ik samen met de drie
k’s: knieschot, koranverbod en kopvoddentax. De problemen rond de drie i’s kunnen alleen worden opgelost
als er binnen de islamitische wereld wat verandert, als de in ons land zeer schaarse vooruitstrevende en
vrijheidslievende krachten - of ze nu afvallig zijn, onverschillig tegenover het geloof staan of als
liberaal te boek staan - steun krijgen vanuit de samenleving. Deze impuls verwacht ik niet van de PVV. Mijn stem gaat daarom naar de VVD. In dit geval gaat het om een voorkeursstem voor Paul de Krom,
woordvoerder integratie. Ik kan me vinden in de manier waarop hij het thema aanpakt: rustig, beslist,
zonder door te schieten in holle retoriek maar ook zonder te buigen voor het gedram van de
fundamentalisten. De Krom verdedigt de vrijheid van godsdienst, maar wil af van het subsidiëren en
faciliteren van intolerante uitingen van religie. Zijn opstelling komt het dichtste bij de tien punten uit mijn boek Het
verraad van links. Hopelijk stellen de VVD en De Krom mij niet teleur. Het gevaar bestaat immers dat de liberalen opnieuw
zullen bezwijken voor de verleiding van paarse avonturen. Dat kan de partij zich niet meer veroorloven. Met
de PVV rond de 20 zetels moet Mark Rutte zich twee keer bedenken voor hij een fletse coalitie aangaat met
mensen die willen integreren via de moskee of - erger nog - ontkennen dat er überhaupt problemen bestaan
rond islam en immigratie. Geplaatst op 9 juni 2010