Marcouch gaat verder waar Cohen
moest stoppen
Door Carel Brendel
Herinnert u zich nog de Notitie Scheiding van Kerk en Staat? Even ter opfrissing van het geheugen: Het Amsterdamse college van B. en W. stelde bijna een jaar geleden een notitie op, die als een soort richtsnoer zou kunnen dienen voor de omgang tussen overheid en religie.
Burgemeester Job Cohen en zijn wethouders wilden lering trekken uit de fouten van het verleden. De bekendste kwestie was de soap rond de Westermoskee, een project van het stadsdeel De Baarsjes, woningbouwvereniging Het Oosten en de Turkse moskeeorganisatie Milli Görüs. De bouw kreeg de bestuurlijke en verkapte financiële steun van de lokale overheden vanuit de gedachte dat er een liberaal getinte moskee zou verrijzen.
Na verloop van tijd bleek dat de zeer conservatieve Duitse tak van Milli Görüs de touwtjes in handen had. Na allerlei conflicten en financiële schandalen is de bouw nooit serieus begonnen, hoewel toenmalig minister van Justitie Piet Hein Donner (CDA) in 2006 een openingsceremonie opluisterde. In oktober 2008 sloeg Milli Görüs een eerste paal, die er gelijk weer werd uitgetrokken.
Een debacle werd ook de oprichting van het islamitische cultuurcentrum Marhaba. Amsterdam stopte enkele tonnen subsidie in dit project, dat was bedoeld om een Europese islam te promoten. Ondanks waarschuwingen van de oppositie, die bevreesd was voor het doorbreken van de scheiding van kerk en staat, zette Cohen de steun door. De plannen kwamen echter niet van de grond. Daarop besloot de Amsterdamse raad om de stekker uit Marhaba te trekken. De ‘liefdesbaby’ van Cohen overleed in de couveuse.
Westermoskee en Marhaba pasten bij Cohens waanidee, dat religie een middel is om de integratie van etnische minderheden te bevorderen. Daarbij dacht de burgemeester niet alleen aan de islam. Ook evangelische en/of pinksterkerken in Amsterdam Zuidoost, waar Yvette Lont-achtige homofobe denkbeelden werden uitgedragen, konden rekenen op gemeentelijke steun. Kortom: Job Cohen voor al uw reli-wensen.
Met de Notitie Scheiding van Kerk en Staat keerden Cohens ideeën over religie als bindmiddel terug in een andere vorm. De grote steen des aanstoots voor de seculiere tegenstanders van Cohen was de zogeheten ‘compenserende neutraliteit’. Die term betekent dat de overheid in principe neutraal is (‘inclusieve neutraliteit’), maar in voorkomende gevallen toch subsidies aan religieuze organisaties verschaft indien sprake is van een veronderstelde achterstand.
Opvallend was dat het Amsterdamse college zich in de nota beriep op de vroegere AR-politicus Abraham Kuyper, die omstreeks 1900 de staat wilde ordenen op grond van een orthodoxe bijbeluitleg, waaraan alle anderen zich zouden moeten onderwerpen. Historicus Coos Huijsen signaleerde dit in De Volkskrant. Hij vond het vreemd dat het college linkse vrijzinnige kernwaarden overboord zette en zich spiegelde aan een gereformeerde voorman, die vroeger te vuur en te zwaard werd besteden door de progressieve partijen.
Het debat in het najaar van 2008 had een onverwachte uitkomst. De anders zo volgzame PvdA-fractie lag opeens dwars tegen de denkbeelden van Cohen. Tijdens een vergadering van de raadscommissie Algemene Zaken wilden PvdA, CDA en VVD niets weten van de ‘compenserende neutraliteit’. De VVD vreesde een aantasting van de scheiding van kerk en staat. De PvdA was bang dat de emancipatie van moslims zou worden belemmerd. Door met subsidies te strooien, aldus woordvoerder Frank de Wolf, zou men ook ouderwetse denkbeelden over vrouwen en homo’s kunnen stimuleren.
Op 30 oktober 2008 volgde een raadsdebat. De gemeenteraad bleef gekant tegen de ‘compenserende neutraliteit’, die geen uitgangspunt van het beleid mag worden. Cohen wist toch nog één concessie los te peuteren. In voorkomende gevallen mag hij overwegen om religieuze organisaties te subsidiëren, maar hiervoor heeft hij dan uitdrukkelijke toestemming van de raad nodig. Met deze uitleg van een motie van De Wolf kon iedereen leven. De deur naar subsidies voor moskeeën en kerken bleef op een kier staan.
Wie daarna rekende op de stille dood van de ‘compenserende neutraliteit’ is bedrogen uitgekomen. Hoewel een belangrijk onderdeel van de Notitie Scheiding van Kerk en Staat door de Amsterdamse raad aan flarden was geschoten, dook dit beleidsstuk op 1 april 2009 opeens op in Apeldoorn tijdens een congres van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten.
Dit congres sprong niet alleen in het oog door het warme applaus dat de gemeentebestuurders over hadden voor de omstreden theoloog Tariq Ramadan. Minister Guusje ter Horst (PvdA) van Binnenlandse Zaken presenteerde hier een Tweeluik religie en publiek domein, waarin uitdrukkelijk wordt verwezen naar de Amsterdamse nota en de uitkomst van het raadsdebat. Ook dit document ligt onder vuur van seculiere zijde. Volgens de critici zet het tweeluik de deur wijd open voor oneigenlijke subsidies aan religieuze stromingen.
In Amsterdam zelf ging PvdA’er Ahmed Marcouch, voorzitter van het stadsdeel Slotervaart, enthousiast aan de slag met Cohens notitie. De oppositie diende op 18 februari 2009 mede daarom een motie van wantrouwen tegen hem in. Deze ging niet alleen over een eventuele subsidie aan salafisten, waar Marcouch op dat moment geen duidelijkheid over verschafte. Steen des aanstoots was ook zijn voornemen om de Notitie Scheiding van Kerk en Staat als grondslag voor verder beleid te ontwikkelen.
Onlangs heeft Marcouch een tweede stap gezet. Slotervaart neemt de gemeentelijke notitie over. De deelraad moet hierover op 1 juli beslissen. ‘Inclusieve neutraliteit’ is ook hier het leidende beginsel. Maar in bijzondere gevallen geeft het stadsdeelbestuur de voorkeur aan de ‘compenserende neutraliteit’.
Nu wreekt zich het feit, dat de Amsterdamse deelraden alle kanten uitkunnen met de motie-De Wolf. In de centrale gemeenteraad bestaat dankzij de ommezwaai van de PvdA een seculiere meerderheid. Religieuze subsidies zonder duidelijke motivatie lijken voortaan kansloos. Maar het is de vraag of de deelraad van Slotervaart, waar Marcouch regeert met steun van GroenLinks, zich in bijzondere gevallen even principieel voor de scheiding van kerk en staat zal uitspreken. Zo kan Marcouch waarschijnlijk verder gaan met subsidiëren van religie op het punt waar Cohen moest stoppen.
Eén ding wil ik overigens nog wel kwijt over Marcouch. Op dit weblog heb ik de afgelopen maanden regelmatig kritiek geleverd op zijn plannen voor koranlessen in het openbare basisonderwijs, en vooral op het binnenhalen in Slotervaart van de FION, de Nederlandse onderafdeling van de Moslimbroederschap.
Dergelijke plannen blijf ik bestrijden. Maar ik stel daarnaast vast dat Marcouch de afgelopen tijd ook moed heeft getoond. In februari nam hij ondubbelzinnig afstand van antisemitische haatpreken van de islamgeleerde Yusuf al-Qaradawi, de man die ooit zijn geestelijk leidsman was. Met zijn homonota heeft Marcouch onlangs een gedurfde stap gezet. Populair maakt hij zich hiermee niet bij zijn achterban. De meeste moslims in Slotervaart moeten niets hebben van homo-emancipatie.
Bovenal moedig is dat Marcouch bij Pauw & Witteman duidelijk afstand nam van de homofobe ideeën van de duurbetaalde ‘bruggenbouwer’ Tariq Ramadan. Om die stap op juiste waarde te schatten hoef je alleen maar te lezen hoe Ramadan onlangs probeerde om Gay Krant-hoofdredacteur Henk Krol te intimideren.
Ondanks alle bezwaren heb ik honderd keer liever met Marcouch te maken dan met Rik Grashoff, de GroenLinkse wethouder van Apartheid in Rotterdam. Max Pam heeft in Binnenlands Bestuur nog eens aangetoond dat er totaal niets mankeerde aan de vertaling van de door Krol verzamelde homofobe citaten van Ramadan. Desondanks kwam Grashoff weg met zijn loze beweringen en leugens, omdat de coalitiepartijen in Rotterdam niet de moeite namen om zich in de feiten te verdiepen. Grashoff kreeg er zo een portefeuille bij. Hij is nu wethouder van Apartheid en Leugens.
Carel Brendel is auteur van Het verraad van links (Uitg. Aspekt)
Geplaatst op 11 mei 2009
Homepage: www.hetverraadvanlinks.nl