Herman van Veen in de voetsporen van Geert Mak
Door Carel Brendel
Herman van Veen was maandagavond (9 november) ‘geweldig van de leg’ bij Pauw & Witteman. Hij had het allemaal niet zo bedoeld toen hij de PVV van Geert Wilders en de NSB van Anton Mussert in één adem noemde. Hij had slechts overeenkomsten willen signaleren in de ‘structuur’ van beide partijen. Zijn opmerking was slechts een ‘technische waarneming’, geuit op een bijeenkomst over het totalitaire systeem van de DDR, die 20 jaar geleden ten onder ging.
Hé, van wie hebben we dit eerder gehoord? Ik hoefde niet lang in mijn geheugen te graven. Aan tafel naast Van Veen zat schrijver Geert Mak. Hij schreef in het voorjaar van 2005, in de nasleep van de moord op Theo van Gogh, het pamflet Gedoemd tot kwetsbaarheid.
Daarin zette Mak de makers van Submission, de vermoorde Van Gogh en de met de dood bedreigde Ayaan Hirsi Ali, in de hoek van Joseph Goebbels, de nazi-propagandist achter de zeer antisemitische film Der Ewige Jude. Mak destijds: “Zonder dat de makers dat waarschijnlijk beseften, hanteerde ze, bijvoorbeeld, hetzelfde schema dat Joseph Goebbels in 1940 toepaste in zijn beruchte film Der Ewige Jude: het tonen van weerzinwekkende beelden van het Jodendom, met daarnaast - in dit geval ook nog gefingeerde - citaten uit de Talmoed. Met de excessen van een handvol figuren kunnen zo in één klap aanhangers van een religie te kijk worden gezet. Het is en blijft een simpele en zeer effectieve propagandatruc.”
Vooral over deze passage vielen de talloze critici van Maks pamflet. Mak verdedigde zich, in een tweede pamflet (Nagekomen Flessenpost) met de stelling, dat hij slechts had gewezen op één vormovereenkomst tussen beide films. “Het enige wat ik zei was: kijk daarmee uit.”
Tegen het Algemeen Dagblad zei hij: “Als ik geweten had wat voor emoties mijn technische vergelijking tussen deze twee films zou oproepen, dan had ik het anders opgeschreven. Voorzichtiger. Het is echt nooit mijn bedoeling geweest om de makers van Submission in de hoek van Goebbels te plaatsen en te demoniseren.”
Kortom, het ging zowel bij Mak als bij Van Veen slechts om ‘technische’ waarnemingen over vorm en structuur. Opvallend is dat in beide gevallen ook de technische vergelijking van geen kant klopt. Elsevier-webcolumnist Paul Lieben wees er gisteren al op dat de NSB wel degelijk over leden beschikte, en dus - wat betreft de structuur - meer met de andere politieke partijen overeenkwam dan met de PVV.
Voor de technische vergelijking tussen Submission en Der Ewige Jude raad ik een artikel aan van Paul Steenhuis aan in NRC Handelsblad van 19 mei 2005. Steenhuis bekeek de propagandafilm van Goebbels en las achtergrondartikelen. Zijn conclusie was duidelijk. Er bestaat geen enkele overeenkomst in de vorm, of het vormschema, of het narratief procedé van beide films.
Het is frappant. Twee lievelingen van weldenkend Nederland slepen de Tweede Wereldoorlog erbij. Als ze worden bedolven onder de kritiek, komen ze met de uitvlucht dat het slechts om een technische vergelijking ging. Tot overmaat van ramp blijkt die technische vergelijking ook al niet te kloppen.
Demoniseer ik nu Herman van Veen door hem in één adem te noemen met Geert Mak? Het spijt me, het is slechts een technische waarneming.
Geplaatst op 11 november 2009
Homepage:
www.hetverraadvanlinks.nl