Ernst Hirsch Ballin roept rare dingen over het atheïsme

Door Carel Brendel

Koningin Beatrix heeft niet gesproken op de bijeenkomst In vrijheid verbonden, het multireligieuze feestje van kerk- en moskeeleiders, die respect en verdraagzaamheid preken, maar liever niet bloot staan aan ‘kwetsende’ kritiek op hun geloof. De hoofdspreker tijdens deze koninklijk goedgekeurde manifestatie was minister Ernst Hirsch Ballin, de CDA-bewindsman van justitie.

Het is natuurlijk mooi dat religieuze leiders in Nederland elkaar vinden in een plechtige verklaring op een moment dat hun geestverwanten elkaar de hersens inslaan in diverse delen van de wereld. Bijvoorbeeld in Kasjmir (hindoes-moslims), Soedan (moslims-christenen), en Israël/Palestina (joden-moslims). Het is maar een willekeurige greep uit de vele conflicten, waarbij religie in het algemeen en de islam in het bijzonder een zeer belangrijke rol spelen.

Gelukkig is er de glorierijke geschiedenis van het door moslims bestuurde Andalusië, waar in een ver verleden de aanhangers van de drie monotheïstische godsdiensten min of meer vreedzaam naast elkaar leefden. Ik zeg min of meer, want ook hier werd regelmatig oorlog gevoerd. De tolerantie was bovendien relatief. Andalusië stak misschien gunstig af bij omringende gebieden. Daarnaast kende het veel meer godsdienstvrijheid dan het latere Spanje van de ‘katholieke koningen’ Ferdinand en Isabella, die hun wereldrijk opscheepten met de Inquisitie en de joden en de moslims verdreven of met dwang bekeerden tot het katholieke geloof.

Volgens hedendaagse maatstaven was dit Andalusië helemaal niet tolerant. Voormalig LPF-voorman Mat Herben spreekt zelfs van een imaginaire islamitische heilstaat. Het is daarom een beetje treurig, dat Hirsch Ballin voor het aanprijzen van islamitische tolerantie zo’n duizend jaar terug moet gaan met een voorbeeld, waar het nodige op valt af te dingen.

Nog merkwaardiger zijn de opvattingen van onze katholieke minister over het atheïsme. Deze levensovertuiging kwam ter sprake in dezelfde alinea, waarin Hirsch Ballin el-Andalus de hemel in prees. De passage luidt als volgt:

“Het is mijn overtuiging dat wij steeds weer onszelf moeten scherpen in het besef dat vrijheid van godsdienst en levensovertuiging verbonden zijn met de principes van de democratische rechtsstaat, waarvan persoonlijke vrijheid doel en ijkpunt is. Wanneer we dat vergeten, ontstaat een voor de persoonlijke vrijheid destructief krachtenveld. De maatschappelijke discussie in Europa wordt - zeker na de terroristische aanvallen van 2001 - in hoge mate bepaald door vrees voor een fundamentalistische variant van de islam, hoewel die slechts door een miniem percentage van de in Europa levende moslims wordt gedeeld.

Fundamentalisten die geen ruimte laten voor de ander hebben we gezien en zien we onder christenen, joden en moslims, en - in de 20ste eeuw in de verschijningsvormen van de leninistische en stalinistische staatsterreur - ook onder atheïsten. Wie zich dit realiseert en beseft dat in de gouden eeuwen van Andalusië, el-Andalus, naast moslims joden en christenen zoveel vrijheid genoten dat zich daar de meest betekenisvolle culturele, wijsgerige en wetenschappelijke interacties van de middeleeuwen plaatsvonden, zal niet willen meedoen met een onverdraagzame schuldtoewijzing aan 'de islam'.”

Nu is het op zich prima dat Hirsch Ballin zich in principe keert tegen alle vormen van religieus of politiek fundamentalisme. Maar het is natuurlijk een rare ingreep om de leninistische terreur te zien als een fundamentalistische versie van de atheïstische levensbeschouwing. Joodse, christelijke en islamitische fundamentalisten grijpen terug naar heilige boeken die ze naar de letter willen toepassen, en zo mogelijk willen opleggen aan andersdenkenden.

Er bestaat daarentegen geen heilig boek, dat atheïsten voorschrijft hoe ze moeten leven; met regeltjes waar ook niet-atheïsten rekening mee moeten houden en die geen kritiek kunnen verdragen van niet-atheïsten. Er is geen atheïstenbijbel of -koran met oproepen om kerken en synagogen te vernielen, kleine boeren hun grond af te pakken en in werkkampen op te sluiten, of massamoorden te plegen op uiteenlopende groepen waaronder vermeende trotskisten, esperantisten, generaals, Krim-Tataren of ’saboteurs’ van het vijfjarenplan.

Wel is het waar dat vooraanstaande bolsjewieken het atheïsme aanhingen, en dat in de Sovjet-Unie ruimschoots staatspropaganda werd gemaakt voor het atheïsme. (Behalve dan tijdens de Grote Vaderlandse Oorlog (1941-1945), toen Stalin de orthodoxe kerk hard nodig had om de binnenrukkende nazi’s te verslaan.) Maar dat alles gebeurde dus niet op grond van een atheïstische leer, waar alle atheïsten in binnen- en buitenland aan moesten gehoorzamen.

Laten we de kromme redeneringen van Hirsch Ballin eens doortrekken naar het Nederland van na de Bevrijding, toen de Koude Oorlog in volle hevigheid woedde. In die tijd werd de ’fundamentalische variant van het atheïsme’ - zoals de minister het communisme ten onrechte noemt - slechts door ’een miniem percentage’ van onze atheïsten gedeeld.

Was dat een reden om dan maar niet al te hard tegen het communisme te keer te gaan? Zo’n ’onverdraagzame schuldtoewijzing’ aan het atheïsme zou immers pijnlijk zijn voor al die goedwillende niet-communistische atheïsten. Natuurlijk werd er niet zo mal geredeneerd in die jaren. Ook de ’gematigde atheïsten’, zoals men een deel van de liberalen en sociaal-democraten zou kunnen typeren in het jargon van nu, hadden geen enkele moeite met het bekritiseren van hun ’fundamentalistische geloofsgenoten’.

PvdA, VARA, NVV en Het Vrije Volk liepen voorop bii het bestrijden van de CPN. In 1948, na de communistische machtsgreep in Tsjechoslowakije, werden bijvoorbeeld in Amsterdam de CPN-wethouders uit het stadsbestuur gezet door de andere partijen. De PvdA was de drijvende kracht achter deze maatregel. Niemand haalde het in zijn hoofd hier tegen te protesteren, omdat zo’n maatregel ’stigmatiserend’ zou zijn voor alle atheïsten, terwijl toch maar ‘een miniem percentage’ van onze ongelovigen het ‘politieke atheïsme’ ofwel het communisme steunde.

Vergelijk dat eens met het gemor en gesputter dat we nu voortdurend horen bij eventuele maatregelen tegen de fundamentalistische islam. ’Gematigde’ moslimleiders willen niets weten van het Franse boerkaverbod of van het daar ingevoerde hoofddoekverbod op scholen - twee maatregelen die de sociale druk op de afvallige, seculiere en vrijzinnige moslims doeltreffend inperken.

Met zijn rare uitspraken over het atheïsme loopt Hirsch Ballin met een grote boog heen om de problemen met de politieke islam. Om zijn religieuze gehoor te behagen associeert de minister het atheïsme met de stalinistische staatsterreur. Is dat niet een vorm van groepsbelediging?

Geplaatst op 27 januari 2010

Homepage: www.hetverraadvanlinks.nl