Met aanvulling: Clyde Moerlie pakt Cohen en Wilders aan

In 635 artikelen over Job Cohen komen de woorden Marhaba en Westermoskee nul keer voor

Door Carel Brendel

Karel van het Reve, de geleerde broer van volksschrijver Gerard, trad enige tijd op als tv-recensent van NRC Handelsblad. Onder het pseudoniem Henk Broekhuis schreef hij rake observaties van het Nederlandse tv-landschap. Ze zijn opgenomen in deel 3 van zijn Verzameld Werk.

In een cursiefje (‘Van Riel en de Russen’) merkte hij op 20 augustus 1971 op dat politici in Nederland op twee verschillende manieren worden benaderd, afhankelijk van de politieke kleur van de geïnterviewde.

Broekhuis naar aanleiding van een interview met de conservatieve VVD’er Harm van Riel, de ontdekker van het politieke talent van de latere liberale leider Hans Wiegel: “Wat mij in het interview dat hem onlangs werd afgenomen trof, was dat die interviewer nauwelijks moeite deed zijn overtuiging te verbergen, ja zelfs zijn best deed zijn overtuiging goed te laten uitkomen, dat Van Riel een misschien niet eens ongevaarlijke gek was, wiens mening geen zinnig mens ook maar een ogenblik serieus behoeft te nemen.

Het is een gebrek aan onze televisie-interviewers dat zij vaak zo weinig ruggengraat tonen. Zij doen óf serviel-onnozel (het door linkse jongens interviewen van linkse jongens; die nieuwjaarsvertoning met onze vorige regering) óf zij doen geniepig-treiterig (het interview met Piet de Jong, waar zoveel om te doen geweest is). In het ene geval treden zij op als wat onhandige en niet zo geweldig goed geïnformeerde aangevers, in het andere stellen zij vragen van het kaliber van ‘Excellentie, bent u van plan uw wanbeleid nog lang voort te zetten?’

Met dit voorbeeld stel ik de zaak trouwens nog veel te gunstig voor. Zij stellen quasi-zakelijke vragen, die echter niet bedoeld zijn iets op te helderen of om de ondervraagde vast te zetten, maar meer als een soort herkenningssignaal van de interviewer naar zijn vriendjes, om te laten merken dat hij wel degelijk laat merken dat hij de geïnterviewde voor een verkeerd iemand houdt.

Van de zaak waar het om gaat zijn hem alleen enkele kreten bekend, die in de kringen waarin hij verkeert de rigueur zijn. Het Amerikaanse ’harde’ interview is in ons land wat de televisie betreft haast onbekend. Slechts af en toe zie je een uitzondering, zoals het uitstekende interview van Van Meekren met De Quay.”

Dat schreef Karel van het Reve in 1971. Met verandering van enkele namen en rugnummers zou hij anno 2010 vrijwel exact hetzelfde kunnen schrijven na een avondje zappen langs Netwerk, Nova, De Wereld Draait Door en Pauw & Witteman.

In Nederland wordt heel wat afgeschreven over de enorme greep, die de televisietycoon, voetbalclubeigenaar en rechtse premier Silvio Berlusconi heeft op de Italiaanse media. Regelmatig kunnen we lezen over de ongewenste verstrengeling tussen machthebbers en journalisten in Italië. Is het daar echt zo erg? Of lijkt de situatie een beetje op de Nederlandse, waar met name politici van PvdA-signatuur ruim toegang hebben tot de praatprogramma’s en actualiteitenrubrieken. Daar kunnen ze bovendien steevast op een zeer welwillende behandeling rekenen.

In dit blog heb ik eerder al eens geschreven over de buitensporige invloed die de PvdA heeft op de lokale media in Amsterdam. Tijdens de strijd om het lijsttrekkerschap van de PvdA in het nieuwe stadsdeel Nieuw-West viel het mij op, dat er slechts spaarzame kritiek viel te vernemen op Ahmed Marcouch, de favoriet van de partijtop. Wie meer wilde weten over het onreglementaire optreden van partijvoorzitter Lilianne Ploumen was vooral aangewezen op de kritische weblogs.

PvdA-leider Lodewijk Asscher hoefde maar één telefoontje te plegen met de redactie van de lokale tv-zender AT5 om ervoor te zorgen dat de uitnodiging aan de lijsttrekker van een lastige oppositiepartij werd ingetrokken. Een ongehoord staaltje van overheidsbemoeienis met de politiek vond ondertussen plaats in het uiterste westen van Amsterdam. Het huis-aan-huis-blad Westerpost plaatste een serie van twintig reportages ’over de effecten van beleidsmaatregelen in Slotervaart’.

De argeloze lezer kreeg de indruk dat het ging om een reeks door onafhankelijke journalisten gemaakte verhalen. In werkelijkheid werden de teksten en de foto’s van deze serie aangeleverd door de afdeling communicatie van het stadsdeel Slotervaart, zoals mij op 14 december 2009 werd bevestigd door Jos Kater, de hoofdredacteur van de Westerpost. Deze schaamteloze propaganda voor een PvdA-politicus kwam dus geheel tot stand op kosten van de belastingbetaler.

Brejznev aan de Amstel met een vleugje Berlusconi, noemde ik dit fenomeen in een eerder weblog. In 1990 leidde de verstikkende greep van de PvdA tot een kiezersopstand, aangevoerd door intellectuelen als Martin van Amerongen. Het treurige van de situatie in 2010 is dat de Amsterdamse intellectuelen - met enkele gunstige uitzonderingen zoals Theodor Holman - zelf dicht tegen de macht aanschurken.

Van de Amsterdamse grachtengordel heeft zich na de aflossing van Wouter Bos door Job Cohen een vreemdsoortige hype meester gemaakt. Het Parool fungeert in dezer dagen als de Cohenbode. De krant ‘schuimt over met PvdA propaganda’, meldde blogger Willem Zwijgt Niet Meer aan de vooravond van de gemeenteraadsverkiezingen. “Nu de verkiezingen naderen ontpopt haar magazine zich ongegeneerd als spreekbuis voor de hoofdstedelijke PvdA. Waar aanvankelijk het feitelijke nieuws over interne verkiezingen werd verslagen en geanalyseerd krijgt Twitternitwit Fatima Elatik vlak voor 3 maart ineens twee pagina’s exposeren over zichzelf. Daarnaast riepen maar liefst drie columnisten de afgelopen week op om PvdA te stemmen.”

De Cohenbode meldde gisteren dat Job zijn beschermeling Ahmed Marcouch wil meenemen naar de Haagse politiek. De komende weken zullen er nog vele Cohen-primeurs volgen.

Ook bij de Volkskrant worden sommige redacteuren meegesleurd in de Cohennamania. Voorop (“Yes we Cohen!”) loopt verslaggever Jan ‘martelprimeur’ Hoedeman, oprichter van de Vereniging Verslaggevers Koninklijk Huis, door de linkse actiesite Ravage Digitaal treffend omschreven als ‘het hofjournaille van de Oranjes’.

Artikelen die bol staan van slaafse bewondering voor Cohen zijn uiteraard zeer welkom. Wat dat betreft werd gisteren (15 maart) de toon gezet door een zwijmelend opiniestuk van schrijfster Yassmine Allas: “Na een lange tijd heb ik weer hoop.”

Voor de Volkskrant-lezer was het wellicht nuttige informatie geweest om te vernemen dat deze Allas voorzitter is geweest van het volslagen mislukte islamitische cultuurcentrum Marhaba. Dit project gold als de ‘liefdesbaby’ van Cohen. De burgemeester van Amsterdam stak tonnen in deze fata morgana ondanks alle waarschuwingen dat hier - net als eerder bij de miljoenenschenking aan de zogenaamd liberale Westermoskee - de scheiding van kerk en staat met voeten werd getreden.

Dit zijn de zaken waar we dezer dagen niets over lezen. Zojuist heb ik alle Nederlandstalige bronnen van de databank LexisNexis doorzocht. Op de zoekterm ‘Job Cohen’ vond ik 635 artikelen. Op de zoektermen ‘Westermoskee’ en ‘Marhaba’ vond ik niets. Het is alsof je 635 achtergrondartikelen over Prins Bernhard leest zonder de woorden Hofmans en Lockheed tegen te komen.

Zelfs in een tussenzinnetje worden de mislukkingen van ‘de profeet van nu’ (deze bijnaam voor Cohen is vanochtend bedacht door AD-columniste Jacobine Geel) niet vermeld. Zoiets krijgt zelfs Silvio Berlusconi niet voor elkaar.

Aanvulling: Clyde Moerlie van de dissidente Tulpenpartij in Amsterdam vertolkt vandaag (17 maart) het linkse levensgevoel door zowel Job Cohen als Geert Wilders stevig aan te pakken. 'Wegkijker Job Cohen niet de juiste man in Torentje' staat er boven zijn bijdrage in de Volkskrant. Moerlie doet wat de journalisten hebben nagelaten, herinneren aan de mislukte projecten Marhaba en Westermoskee. Citaat: "Cohens idee om de boel bij elkaar houden, kwam er op neer vooral de moslims niet voor het hoofd te stoten. Hiervoor ging de scheiding van kerk en staat in de hoofdstad op de helling... In het Haagse Torentje hebben we geen behoefte aan een regenteske amateurbestuurder, die een loopje neemt met de waarden van de seculiere samenleving."

Moerlie legt tevens nog eens uit waarom progressieve vrijzinnige mensen niets willen weten van Geert Wilders en zijn PVV. Alleen zijn optimisme aan het slot deel ik niet helemaal. "Gelukkig hoeven we op 9 juni niet te kiezen tussen Cohen en Wilders. Er zijn genoeg fatsoenlijke alternatieven: ter linkerzijde, ter rechterzijde en in het midden." Voor de vrijzinnigen blijven er weinig mogelijkheden over, zeker nu de partijleider die het redelijk alternatief kan zijn voor Cohen en Wilders nog steeds niet heeft besloten of hij in de voetsporen treedt van Frits Bolkestein of roemloos zal eindigen als een tweede Hans Dijkstal.

Nog meer links levensgevoel. Open brief aan Job Cohen door Eddy Terstall.

Geplaatst op 16 maart 2010

Aanvulling op 17 maart 2010

Homepage: www.hetverraadvanlinks.nl