Koningin Beatrix ondermijnt de
constitutionele monarchie Door Carel Brendel In 2005, bij het regeringsjubileum van koningin Beatrix, keek oud-journalist en Oranjekenner Harry van
Wijnen tevreden terug op de regeerprestaties van onze vorstin. Ik interviewde hem voor het Algemeen
Dagblad in het kader van een reportage over ‘hermelijnvlooien’ - het fenomeen van jaknikkende onderdanen. Vroeger
bevonden deze buigende knipmessen zich vooral aan de rechterzijde van de politiek (‘God, Nederland en
Oranje’). Onder het regime van Beatrix was ook een linkse claque van monarchisten ontstaan. Progressieve iconen
als Paul Rosenmöller, Andrée van Es en Ina Brouwer koesterden zich in het Oranje-zonnetje. Aan de rechter
flank werd het gemor steeds luider. Zo sprak ik met Prosper Ego, voorman van de oerconservatieve
organisatie OSL, die zich hardop beklaagde over ’burgerjuffen’ als de prinsessen Mabel en Máxima en hun
linksige entourage. Van Wijnen, voorheen werkzaam bij Parool en NRC Handelsblad, prees daarentegen het
optreden van Beatrix. “Prins Claus heeft veel bijgedragen aan de vermaatschappelijking van het koninklijk
huis. Hij gaf het een min of meer vooruitstrevend gezicht en dat hielp mee bij het aanvaardbaar worden voor
de linker vleugel. Daarnaast is er de strakke regie van Beatrix. Zij houdt de monarchie in stand door
conflicten te voorkomen en aanstoot te vermijden. Bij hun contacten met progressieve kringen hoeven de
Oranjes zich niet te forceren. Ze gaan mee met de tijd. Dankzij de consensus zijn de Rosenmöllers en de Van
Essen hun eigen kring geworden.” Volgens Van Wijnen stond de monarchie niet meer ter discussie. “Links is veranderd. De ideologische
tegenstellingen uit de jaren 70 zijn onder Wim Kok verdwenen. Er is algemene eensgezindheid, waardoor de
monarchie geen strijdpunt meer is.” De eensgezindheid was in 2005 overigens minder groot dan Van Wijnen veronderstelde. Het land had toen al
te maken met nieuwe ideologische twisten. Beatrix kon haar partijdigheid niet verbloemen. Het volk klaagde
over haar afstandelijke reactie op de moord op Pim Fortuyn. Na de moord op Theo van Gogh tastte de
majesteit volgens veel waarnemers opnieuw mis door de familie van de vermoorde cineast te negeren en in
plaats daarvan te verschijnen in een multicultureel centrum. “Beatrix heeft de multiculturele idealen van de linkse elite omarmd”, schreef ik in mijn boek Het
verraad van links. “Zolang er over de multiculturele samenleving een (afgedwongen) consensus bestaat,
heeft bijna niemand problemen met deze taakopvatting van Beatrix… Politieke problemen dreigen er wel als er
in de Nederlandse samenleving diepe verdeeldheid ontstaat over de manier, waarop het multiculturalisme
wordt ingevuld… Op zulke momenten dreigt juist te gebeuren, wat Beatrix volgens bewonderaar Van Wijnen zo
kundig heeft vermeden: het voorkomen van conflicten en het vermijden van aanstoot.” Een constitutionele monarchie functioneert alleen als de majesteit zelf geen voorwerp wordt van
politieke discussie. Dat brengt met zich mee dat het koningshuis zich verre moet houden van controversiële
activiteiten. De koningin vervult een ceremoniële rol (Prinsjesdag, staatsbezoeken, lintenknippen), biedt
troost bij rampen (Enschede, Bijlmer), houdt zich bezig met algemeen aanvaarde goede doelen, en probeert
zich zo neutraal mogelijk op te stellen bij kabinetsformaties. Onder Beatrix en haar echtgenoot Claus heeft zich een verschuiving voorgedaan naar activiteiten,
waarover binnen de politieke en maatschappelijke elite wel consensus bestaat, maar die bij ‘de mensen in
het land’ minder goed liggen. PVV-leider Geert Wilders heeft hiervoor de term ‘linkse hobby’s’ gemunt:
Europese eenwording, multiculturalisme, ontwikkelingssamenwerking. Hierover werd tien tot vijftien jaar geleden nog wel een beetje gemord in de kolommen van
Elsevier of de Telegraaf. Met de opkomst van Fortuyn en Wilders heeft de oppositie hiertegen
echter een politiek gezicht gekregen. De gevolgen voor de monarchie zijn desastreus: het optreden van
Beatrix is onderwerp van politieke discussie geworden. Haar omarming van de linkse elite heeft geen
nationale eenheid rond het Oranjehuis gesmeed. In plaats daarvan zijn we terug in de tijd van koning Willem
III - de tijd waarin de Oranjes werden gezien als bondgenoten van de heersende klasse. Wat zich achter de coulissen van Huis ten Bosch afspeelt, zal pas later exact bekend worden. Maar het
beeld - vertekend of niet - is nu al dodelijk. Opnieuw fungeert de majesteit als steunpilaar van de
zittende elite. Ze wekt de verdenking dat ze via de inzet van ‘vazallen’ als Herman Tjeenk Willink en Ruud
Lubbers wil voorkomen dat de PVV in het kabinet komt, mede ter bescherming van haar favoriete thema’s. Staatsrechtsgeleerden kunnen uitleggen dat het er niet eens toe doet of de verdenking klopt. Omdat de
koningin zich zogenaamd niet kan verdedigen tegen dergelijke beschuldigingen, moet zij preventief te werk
gaan en in de woorden van Van Wijnen ’geen aanstoot geven’. De eigenzinnige Beatrix slaagt daar niet meer
in. De strakke regie is verworden tot een starre regie. Het is daarom geen wonder dat de laatste dagen steeds meer geluiden komen dat de majesteit
terug in haar hok moet (Sylvain Ephimenco in Trouw). ‘Majesteit formeer mee. Weg ermee!’ roept
hoogleraar Meindert Fennema in De Groene. “We weten dat het staatshoofd geen kabinet met PVV of SP
wenst, al was het alleen omdat die partijen een ceremonieel koningschap voorstaan”, speculeert docent en
schrijver August Hans den Boef op website Joop. Het gemopper op de meeformerende vorstin slaat over van de borreltafel naar de media. Voor de oprechte
aanhangers van de monarchie is dat een horrorscenario. In de nadagen van haar regeerperiode ondermijnt de
koningin de constitutionele monarchie. Ze ondergraaft de onomstreden positie waarover ze in de jaren
daarvoor zo zorgvuldig heeft gewaakt. Het kan niet anders of de roep om een ceremonieel koningschap zal sterker worden. Geen majesteit meer
als deel van de regering. Geen bemoeienis meer van een niet-gekozen functionaris met de samenstelling van
het kabinet. Nu de maatschappelijke consensus over Europa, de multiculti en de ontwikkelingshulp
afbrokkelt, zal de familie Van Amsberg andere hobby’s moeten zoeken. Afbouw van het multiculti-koningshuis
dus. Minder buitenhuizen aan de andere kant van de aardbol. Terughoudend optreden als ambassadeurs van
ontwikkelingshulp. In plaats daarvan meer aandacht voor ‘onschuldige’ bezigheden in het verlengde van de
padvinderij, het Rode Kruis, het watermanagement en de restauratie van oude stoomgemalen. Nog beter is het natuurlijk om ons land om te vormen tot de Republiek der Nederlanden. Geplaatst op 27 juli 2010 Homepage: